Vervolg recensie Han Borg:

Het verhaal begint in de omgeving van Den Haag, waar de hoofdpersoon, Floris van Zevenhoven, de op een na jongste in een zeven kinderen tellend protestants gezin, opgroeit. Vader is schrijver/journalist, moeder zorgt voor al het wel en wee van de familie, en maakt in de loop van het verhaal een voorzichtige emancipatie door. Kleine en grote drama's spelen zich in dit boek af, zoals een zus die niet wil deugen en de vroegtijdige dood van de vader. Floris van Zevenhoven heeft tot het moment van het overlijden van zijn vader een tamelijk gezapig leventje, daarbij beurtelings verwend en gecorrigeerd door de andere gezinsleden. De breuk in zijn leven wordt gevormd door de vrij plotselinge dood van zijn vader, maar meer nog door één van de directe gevolgen daarvan, namelijk: de noodzaak van het krijgen van bijlessen om zich tenminste te handhaven op de middelbare school. De bijlessen worden gegeven in een huiswerkinstituut door een jonge man (Olivier Santos) die zich al gauw over het lot van Floris ontfermt. Er groeit een vriendschap, die niet anders kan worden omschreven dan als een relatie tussen een jonge puber (Floris) en een jong volwassene (Olivier). Een thema, waarover de laatste jaren slechts in negatieve zin geschreven lijkt te worden: dergelijke relaties vullen de krantenkolommen vooral omdat er sprake zou zijn van ongelijkheid, en daarmee verwerpelijkheid van het bestaan ervan. En het valt niet te ontkennen: wanneer een 13-jarige een (erotische) verhouding krijgt met een 23-jarige, dan zijn aan het begin van de 21e eeuw de rapen gaar.

Hoe anders was dat niet in - pak 'm beet - het jaar 500 voor het begin van de Chistelijke jaartelling? Jonge adolescenten in Griekenland werden geacht zich te mengen ('misgein' in het Grieks, wat zowel 'mengen' als 'vrijen' betekent) met jongens van 12, 13 jaar. Dit soort relaties was vooral bedoeld om de jongste van het stel te initiëren in de wereld van de volwassenen, hem te leren voor zichzelf op te komen, trouw en kameraadschap te ontwikkelen. De erastes (de jong volwassene) en de eromenos (de knaap) vertrouwden elkaar en gingen volledig in elkaar op. Prachtige scenes op Griekse vazen, dialogen in het werk van Plato, graffiti op rotsen op het eiland Santorini: ze getuigen allemaal van een ons inmiddels vrijwel vreemde pedagogische relatie tussen leraar en leerling, tussen liefhebber en geliefde. Volgens goed bijbelse traditie is er echter in het huis van de Vader ook na de geboorte van Christus (hier dus: in de protestantse traditie) plaats voor mensen en relaties tussen mensen van allerlei slag en soort. Verburg weet in zijn boek zo’n relatie weer aannemelijk te maken. Floris krijgt alle gelegenheid zich los te maken van Olivier: hem wordt telkens een vluchtweg aangeboden.

'Moet ik stoppen?' Ik voel zijn adem in mijn oor. 'Nee.' Ik weet niet of ik dit wil, maar ik weet wel dat ik niet wil dat hij stopt. In deze dialoog staat de kern van het boek samengevat: de hoofdpersoon is nog onzeker over zijn seksuele oriëntatie, maar geeft wel toe aan een diep gevoelde wens om geïnitieerd te worden in de wereld van de liefde tussen mannen. Het komt tot een verhouding die zich steeds meer verdiept, zonder ooit geheel gelijkwaardig te worden: daarvoor is het leeftijdsverschil tussen Floris en Olivier te groot, zijn de ervaringen in het leven te verschillend. En aan het eind van het boek gebeurt het onvoorstelbare: de dood scheidt erastes en eromenos, zoals Magere Hein ook eerder in het boek de geliefde vader het leven ontnam. Floris zal opnieuw zijn eigen weg moeten zoeken.
Het bovenstaande zou gemakkelijk tot een tranentrekker eerste klas hebben kunnen uitgroeien, en waarlijk: Verburg weet af en toe zijn lezers tot op de rand van het sentimentele mee te nemen. Maar hij gaat - wat mij betreft althans - nooit over die rand heen. De dialogen zijn echt, de stijl is vlot, de situaties zijn geloofwaardig. Maar het belangrijkste is dat Verburg erin slaagt om aannemelijk te maken dat zulke relaties kunnen (moeten?) bestaan. Voor een verhouding tussen Floris en Olivier is ook plaats in het huis van de vader, hoewel ik ervan overtuigd ben dat Floris'fysieke vader het nooit had goedgekeurd wanneer hij zou hebben geweten van de verhouding tussen Floris en Olivier.
Is Het huis van mijn vader een jeugdboek, zoals De dagen van de bluegrassliefde? Ik vind dat het boek heel goed gelezen zou kunnen worden door jongeren in de leeftijd van 14-18 jaar, maar ook volwassenen kunnen er een hoop uit leren, al was het alleen maar om een meer tolerante houding ten opzichte van relaties tussen jongeren en jong volwassenen te ontwikkelen. We kunnen nog veel leren van de Klassieke Oudheid, juist wanneer die in moderne termen wordt vertaald door schrijvers als Alex Verburg. Het huis van mijn vader verdient daarom een brede lezerskring.

vorige